English translation

Reinout Bos studeert wiskunde en  economie. In het eerste jaar van zijn bachelor behaalde hij voor al zijn verplichte wiskundevakken een 10. Hij schrijft die resultaten toe aan het simpele feit dat hij echt plezier heeft in zijn studie. “Ik ben gemotiveerd, ik steek er graag tijd in en ik haal er veel voldoening uit.”

Wat hem zo aanspreekt in wiskunde, is het proces van langzaam grip krijgen op iets wat in het begin nog onbegrijpelijk lijkt. “Het zijn allemaal puzzelstukjes. Het leukste vind ik dat je begint met iets dat je helemaal niet snapt, en dat je je er dan echt in verdiept totdat er intuïtie ontstaat. Dat moment waarop het hele plaatje klopt, daar doe ik het voor.”

De combinatie van Wiskunde en Economie bevalt Reinout uitstekend. “Je hebt het beste van twee werelden. Aan de ene kant het exacte, logische denken van de wiskunde; aan de andere kant de minder exacte, meer contextuele kant van economie. Die combinatie vind ik subliem.”

Naast zijn studie werkt hij als assistent-docent aan de universiteit en geeft hij examentrainingen op vwo-niveau. Daarover vertelt hij met zichtbaar enthousiasme: “Ik vind het geweldig om leerlingen het gevoel te geven dat ze het wél kunnen. Veel leerlingen beginnen onzeker, maar als je het op een begrijpelijke manier uitlegt, groeit hun vertrouwen. Dan gaan ze weg met het idee: ‘Ik kan dit.’ Dat vind ik het mooiste.”

Zijn kracht als docent? “Ik sta dicht bij hun belevingswereld. Omdat ik zelf nog niet zo lang geleden dezelfde dingen heb moeten leren, weet ik waar de struikelpunten zitten. Ik probeer nooit trucjes te leren, maar echt begrip op te bouwen. Als je weet wat je doet, wordt het leuk.”

Over het verschil tussen schoolwiskunde en universiteitswiskunde is hij duidelijk. “Op de middelbare school draait het vaak om formules toepassen en veel sommen maken. Op de universiteit gaat het om begrijpen wat je doet, om de achtergrond, om intuïtie. Het is meer een manier van denken.”

Reinout verheugt zich erop dat er nog zo veel te ontdekken valt. “Ik wil verschillende kanten van wiskunde zien—zowel theoretisch als meer toegepast, zoals op de economie. Ik ga waarschijnlijk de educatieve minor doen, want voor de klas staan lijkt me prachtig. En verder wil ik gewoon uitvinden wat ik het allerleukst vind.”

Tot slot relativeert hij zijn prestaties. “Mensen zeggen vaak: je bent gewoon heel slim. Maar mijn kracht is niet dat ik alles meteen kan. Ik leer juist heel veel, oefen veel, en wil echt begrijpen wat ik doe. Motivatie en doorzettingsvermogen brengen je verder dan talent alleen.”